Artrose is een ziekte van de gewrichten, vaak van de heup en de knie. Bijna een miljoen mensen in Nederland hebben artrose in deze gewrichten. Niet iedereen krijgt artrose: het hoort dus niet standaard bij het ouder worden. Artrose kan ook voorkomen op jongere leeftijd, bijvoorbeeld na een knieblessure of operatie aan het gewricht. De ziekte is chronisch en langzaam progressief. Chronisch betekent dat het niet meer over gaat. Langzaam progressief betekent dat het langzaam erger wordt. Artrose tast verschillende delen in en rondom het gewricht aan.

Fysiotherapie bij Artrose

U komt bij de fysiotherapeut wanneer u veel last van de artrose heeft of als u hiervoor geopereerd wordt of bent.

Eerst bespreekt u met een therapeut wat uw klachten zijn en welke hulp u nodig hebt. Daarna volgt een lichamelijk onderzoek en zet de fysiotherapeut eventueel meetinstrumenten in. De fysiotherapeut neemt de tijd voor deze drie onderdelen, zodat hij goed weet wat uw klachten zijn en wat uw graag wilt bereiken. Daarna beslist de fysiotherapeut samen met u, welke behandeling het beste is.

Er zijn verschillende soorten behandelingen. De therapeut kiest samen met u voor een behandeling of voor een combinatie van de verschillende behandelingen. Denk daarbij aan oefentherapie (spierversterkende oefeningen, conditie-oefeningen, balansoefeningen) of mobiliserende therapie.

Wat kunt u zelf doen?

Artrose wordt vaak ‘gewrichtsslijtage’ genoemd. Dit is een verkeerde naam. Het lijkt alsof de klachten worden veroorzaakt doordat het gewricht te oud is, en alsof er niets meer aan te doen is. Maar aan artrose is zeker iets te doen!

Bijvoorbeeld:

  • Meer bewegen
  • Meer spierkracht ontwikkelen in de benen
  • Zorgen dat u niet te zwaar bent of wordt

Als u goed met uw klachten omgaat, kunt u voorkomen dat artrose erger wordt. Soms verminderen de klachten zelfs. Maar hoe doet u dat? Bij artrose is het extra belangrijk dat u voldoende beweegt, ook als dit niet makkelijk gaat. We raden u aan om tenminste vijf dagen per week een half uur te bewegen, zoals wandelen of fietsen.

Waarom bewegen zo belangrijk is

  • Bewegen maakt de spieren, pezen en banden rondom uw gewrichten sterker.
  • Mensen met artrose hebben minder gewrichtsvloeistof. Dit veroorzaakt (start)stijfheid. Als u beweegt, komt er extra vloeistof vrij. U kunt uw gewrichten weer wat soepeler bewegen.
  • Van bewegen wordt u vrolijker. Uw  hersenen krijgen meer zuurstof. Hierdoor kunt u helderder en gemakkelijker denken.

Bewegen is goed, maar houd wel in de gaten dat u uzelf niet overbelast. Heeft u extra pijn of last van een zwelling? Dan kan dit betekenen dat uw gewricht overbelast is (geweest).

Hoe u overbelasting voorkomt.

  • Neem bij beweging tussendoor af en toe een pauze
  • Verander geregeld van houding
  • Breng variatie aan in uw bewegingen om zo uw gewricht te ontlasten;
  • Gebruik hulpmiddelen (bijvoorbeeld een wandelstok).
  • Zorg dat u niet te zwaar bent. Minder lichaamsgewicht geeft minder druk op het gewricht.